Streetfoodparadijs

Eigenlijk is het geen moment om een blog te schrijven. De wereld is geschokt door de aanslagen in Parijs. Maar het parool dat we ons niet moeten laten kennen, spreekt me aan. Dus business as usual - zeuren over ons voedsel.

Wat ons voedsel betreft waren de afgelopen weken ook schokkend. De Schijf van Vijf wordt door de plee getrokken en we moeten ons nu richten op 'echt eten'. Zelf koken, zonder zakjes, bakjes, potten en blikken. Voedselgoeroe Michel Pollan roept dit al zo'n jaar of tien. Maar het is nu pas door te dringen.
Nu heb ik dat de laatste veertig jaar niets anders gedaan. Met vallen en opstaan; lekker en niet lekker. De laatste jaren ben ik tot het besef gekomen, dat dat zelf koken weliswaar noodzaak is, maar dat het gros van de mensheid niet kan koken. En wanneer er dan geen lekkere hap op tafel komt, vervallen we weer in het oude stramien: we kopen weer zakjes, bakjes, potten en blikken. Want de industrie – Michel Pollan waarschuwt daar telkens voor – kan goed koken.



We moeten dus iets anders verzinnen. Bij Foodlog is er een stem opgegaan – helaas het was er maar één – om Nederland om te toveren tot een streetfoodparadijs. Je kookt je maaltijd op straat. Vers, met regionale producten en natuurlijk goed gekookt, gebakken of gebraden. Ik ben daar voorstander van. Niet alleen voor het voedsel maar ook omdat het onze leefomgeving een stuk kleurrijker zou maken.



Maar hoe introduceer je zo'n cultuur. Hoe krijg je de Nederlander aan een verantwoorde hamburger die het vier dubbele kost dan het gedrocht van McDonald's, Burger King of Wimpy's. En hoe krijg je de food-truck-uitbaters zover om onder druk van de markt niet al te berekenend te zijn en toch de kwaliteit te handhaven. Het lijkt een kip-ei-verhaal. En het vervelende is ik heb ook geen oplossing. Maar de omslag moet snel komen.
Ook in Nederland worden we te dik en – dat is een feit – één op de twee dikke mensen ontwikkelt diabetes. Geen goed vooruitzicht. Dus de mensen die pleiten voor de herintroductie van voedings- en kooklessen op school hebben het gelijk geheel aan hun kant. Dat is echter alleen geschikt voor de lange termijn. Wat doen we voor de korte termijn? Voor ons, voor u en ik? Wie het weet mag het zeggen. Maar ik zie heel stiekem toch iets in Zutphen als streetfoodparadijs. Het lijkt me top.

​KOSTmisselijk

Ik heb het even moeten laten indalen. Een paar weken geleden was er in de Citroëngarage in Amsterdam het evenement KOST. Het evenement dat gesponsord werd door het Platform Moeder Aarde, waarin de bakkers, zuivelaars en groentejongens samenwerken. De doelstelling: startpunt zijn voor een nieuwe Nederlandse eetcultuur. Het kon dus alle kanten op, want niemand die precies weet wat een Nederlandse eetcultuur is, laat staan een nieuwe.

Al weken voor het event was er een discussie op het blog van Mergenmetz. Slow Food zou zich hebben verkocht aan de voedselindustrie. Er waren voor- en tegenstanders van dit standpunt en YFM-icoon Joris Loman werd ter verantwoording geroepen. Om een lang verhaal kort te maken: de Mergenmetz-blogger toog vooringenomen naar Amsterdam. En hij vond wat hij verwacht had te vinden: een niet in alle opzichten geslaagd evenement. Wat ook weer stof voor het eigen blog, Foodlog en Facebook opleverde. De meningen buitelden weer over elkaar. Meestal in negatieve zin. Alleen het diner na het evenement was geslaagd. Dat was de teneur.

Ik heb even over moeten nadenken, maar eigenlijk is het een debat om KOSTmisselijk van te worden. Het gaat niet om de vraag of KOST wel of niet is geslaagd. En we weten allemaal wat er schort aan onze eetcultuur. Die bestaat niet meer. Unilever, Nestlé en Campbell zijn de grote chefs van deze wereld, met name in Nederland. Zij koken voor een grote groep – veelal mensen met een smalle beurs – en doen dat voor heel weinig geld met ingrediënten waar we niet blij van worden. Te vet, te zoet, te zout.

Daar willen de doorvoede foodies van deze wereld een eind aan maken. Iedereen moet onder leiding van Michael Pollan de keuken weer in. Samen eten aan tafel en niet met het bord op schoot voor de televisie. In principe is dat ook mijn ideaal. Maar er schuurt iets. Wie kan er – de goede thuiskok uitgezonderd – iedere dag een goed bereidde, gevarieerde maaltijd op tafel zetten? Dat zijn er niet veel. Het platform Moeder Aarde hoopt daar een einde aan te maken door kinderen te leren koken. Uitzichtloos vinden velen.

In de discussie – het had trowuens meer van een twistgesprek – achteraf kwam iets van een oplossing bovendrijven: het opstuwen van street food in de vaart der volkeren. De nieuwe eetcultuur is dus op straat te vinden. Gezonde producten uit de regio, die verwerkt worden tot lekkere gerechten die je bij een food truck of op de markt kunt kopen. Ik voel er voor.

Voor Zutphen kan dit betekenen het uitbreiden van de biologische markt met nieuwe deelnemers, zoals catering Zutphen, die claimt de beste biologische hamburger van de streek te maken, of de Biologische Keuken. Trouwens met de herinrichting van de Groenmarkt mag ook de biologische markt wel eens op de schop. Ze is nu nog verdeeld over twee locaties, maar met een uitbreiding met street food en kant-en-klaar maaltijden moet het mogelijk zijn één mooie markt te maken. Een markt die volk trekt!

Biologisch is voor welgestelden

Vorige week op restaurant geweest. Te gast bij Gast zullen we maar zeggen. Het eten was uitstekend, de conversatie geanimeerd. Al snel kwam het gesprek op biologisch en Fair Trade. Over het laatste waren we snel eens: Fair Trade-producten, hoe sympathiek het idee ook is, leveren geen substantiële bijdrage aan de welstand van de betrokken boeren. Met het begrip biologisch hadden we wat meer moeite. Wel kwamen we tot de conclusie dat je goed in de slappe was moet zitten om iedere dag voedsel van biologische afkomst op tafel te kunnen zetten.

Een van de tafelgenoten vroeg zich af waarom de klanten van biologische winkels er altijd zo ongezond uitzien. Hilariteit. Wat te denken van de vergelijking tussen de 51 jarige gezondheidsgoeroe Gillian McKeith en de even oude tv-chef Nigella Lawson. Twee foto's, twee totaal verschillende personen. De een fris en fruitig, de ander oud en rimpelig. De oorzaak zal zeker niet liggen in het gezondheidsdieet van de dokter Gillian McKeith, maar toch, het verschil is frappant.

Biologisch voedsel is duur, stelt een van de disgenoten. Dat roept vragen op. Je moet redelijk welgesteld zijn om iedere dag biologisch eten op je bord te krijgen. Er zijn mensen die daar nooit aan toekomen. Soms is er gewoon geen keuze. Neem de film over voedselethiek Food Inc. Daarin komt een Latijns-Amerikaans gezin voor. Man en vrouw werken allebei. Ze hebben de keuze òf hun kinderen naar school sturen en hamburgers van McDonald's eten òf vers voedsel bij een supermarkt halen en hun kinderen niet naar school sturen. Zie hier de kloof tussen de arm en rijk. In Nederland is die kloof misschien nog niet zo scherp. Toch zijn over ons land cijfers voor handen waaruit blijkt dat rijken gezonder zijn, dan armen.

Gedrieën waren we het er over eens dat er goed voedsel beschikbaar moet zijn voor iedereen. De sleutel ligt bij zelf koken en dat niet over te laten aan de industrie. Hun voedsel is te zoet, te vet en te zout, gewoon omdat de grondstoffen goedkoop zijn en omdat het lekker is. Het beroemde merk Campbell was in de jaren tachtig van de vorige eeuw de grootste soepverkoper van de Verenigde Staten. Niet minder dan 98 procent van de Amerikaanse bevolking kocht soep en 93 procent daarvan was Campbell soep. Men had vijf soorten kippensoep in het assortiment met prijzen van 29 dollarcent tot 1,99 dollar. Uit test was gebleken dat mensen met een laag inkomen de meest zoete smaak hadden. Dus de goedkoopste soorten waren het zoetst.

Het opdracht van Michael Pollan, dat we weer zelf moeten gaan koken, moeten we eigenlijk meer als uitdaging zien, dan het Slow Food-adagium Good, Clean, Fair - hoe aantrekkelijk dat ook klinkt. Door de weg van Slow Food te volgen zal goed voedsel altijd iets van de rijkeren blijven en dus iets elitairs blijven houden. Een goed-voedsel-revolutie kan echter in gang worden gezet, wanneer er op school naast rekenen en taal het koken weer als normaal vak wordt ingevoerd. Voor arm en rijk.

En dat overdacht ik na een etentje in een elitaire setting.

Toon meer artikelen